Discussie over risicodeling tussen of over generaties net zo belangrijk

Reactie artikel FD onzekerheid sterfteprognoses onderbelicht

20 jun 2014 - Pieter Kasse, Alexander Paulis

Op 2 juni is in het Financieel Dagblad door 2 consultants van PwC een opinie naar buiten gebracht onder de titel ‘Onzekerheid van sterfteprognoses voor pensioensector blijft zwaar onderbelicht’. Wij willen hier graag op reageren.

Nieuwe prognosetafels, verzwaring grondslag

Sinds 2007 moeten de fondsen een zogenaamde prognosetafel hanteren waarbij rekening gehouden wordt met toekomstige sterfteverbetering. Deze overgang heeft geleid tot een forse verzwaring van de grondslagen hetgeen zichtbaar werd in een hogere kostendekkende premie pieter kasseen een hogere voorziening pensioenverplichtingen, en dientengevolge een lagere dekkingsgraad en lagere indexatie. In de opeenvolgende actualisaties van de prognosetafels bleek dat de sterfteverbetering telkens groter was dan op basis van de prognose verwacht mocht worden. We leefden dus langer dan we dachten dat we zouden leven. Verwerking van nieuwe prognosetafels leidden daarmee keer op keer tot verzwaring van de grondslagen.

Oneens dat besturen onvoldoende bewust zijn

Wij zijn het daarom niet eens met de bewering dat bestuurders zich onvoldoende bewust zouden zijn van het langleven risico. Bij het verschijnen van elke nieuwe prognosetafel is de bestuurder goed op de hoogte van de mogelijke consequenties hiervan. Zo wordt er ook een koppeling gelegd tussen de voortdurende sterfteverbetering en de opgelopen indexatie-achterstand. In de periode vanaf 2008 is de indexatieachterstand bijna gelijk aan de toename van de voorziening pensioenverplichtingen als gevolg van sterfteverbetering. Een groot deel van de sterfteverbetering is, zij het op een indirecte manier via de achterblijvende indexatie, zodoende door de deelnemer betaald.

Verwachtingswaarden combineren met onzekerheid

De onzekerheid omtrent sterfteprognoses is groot. Dat is (achteraf) zichtbaar in de uitkomsten van opeenvolgende prognosetafels die naast een actualisatie in de data overigens soms ook gepaard gaan met een update van de schattingsmethodiek.

Een manier om deze onzekerheid te expliciteren is om naast van het publiceren van verwachtingswaarden, de onzekerheid hieromtrent mee te nemen. Het Actuarieel Genootschap mag dan na de zomer voor het eerst met stochastische sterftecijfers komen, het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) doet dit al langer. Uit de cijfers over 2012 volgt bijvoorbeeld dat met een 95% betrouwbaarheidsinterval, aan het eind van de 60 jarige prognosehorizon de bandbreedte rondom de verwachte levensverwachting zo’n 9 jaar bedraagt. We kunnen dus nu al een indruk krijgen van de gevolgen van het meenemen van onzekerheid in de sterfteprognoses.

Betere inschatting bufferopslag door nieuwe stochastische tafels?

Maar wordt er nu dan geen rekening gehouden met die sterfteonzekerheid? Het huidige toezicht schrijft voor dat de verwachte sterfteontwikkeling gebruikt moeten worden bij de bepaling van de voorziening pensioenverplichtingen (en dus de dekkingsgraad). De risico’s, dus de onverwachte sterfte, moet een plaats krijgen in de buffer (S6 in het Vereist Eigen Vermogen). Wellicht kunnen de nieuwe stochastische tafels leiden tot een betere inschatting van de bufferopslag. Daarnaast zal bij een stijgende levensverwachting, de pensioenleeftijd voor nieuwe pensioenopbouw gaan toenemen. Daarmee zullen actieve  deelnemers meer direct met het effect van langer leven worden geconfronteerd.

LAM in FTK?

Het onjuist inschatten (en tot nog toe was dat het onderschatten) van de levensverwachting leidt tot verschuiving van financieringslasten door de tijd. Daarmee vindt per leeftijdscohort niet perse een evenwichtige verdeling plaats van de baten en lasten van het langer leven. En dat leidt tot generatie-effecten. In een concept versie van het nieuwe Financieel Toetsingskader is in dat kader gesproken over het LAM: levensverwachtingsaanpassingsmechanisme. Daarmee zouden de lasten van langer leven direct via een indexatieafslag worden verrekend over alle deelnemers: actief en niet-actief. In hoeverre dit LAM in het nieuwe FTK daadwerkelijk terugkomt, valt nog te bezien. Er lijkt meer op gekoerst te worden om de lasten van langer leven, net als de schokken in de beleggingen, over een periode van 10 jaar uit te smeren.

Discussie

In de brede pensioendiscussie die na de zomer wordt opgestart, zal de mate waarin deelnemers solidair met elkaar willen zijn een belangrijk thema vormen. Willen we dan de risico’s (bijvoorbeeld van langer leven) met elkaar in een collectiviteit blijven delen, of gaat de voorkeur uit naar het dragen van de risico’s van de eigen generatie? Die discussie lijkt ons minstens zo belangrijk als de discussie over stochastische sterftetafels. En dat begrijpen de bestuurders ook heel goed.

Uw pensioenartikelen

inhoud

Reader uitleg | Deel uw reader

U bevindt zich op uw eigen reader-pagina waar u de voor u interessante artikelen kunt verzamelen en bewaren. U kunt inloggen zodat u deze reader overal kunt lezen. U bent nog niet ingelogd en daarom worden deze artikelen alleen in deze sessie bewaard.

Login met uw Twitter of uw Facebook of uw LinkedIn account

Print de reader inhoud